De tuin door andermans ogen

Waarom deel ik wat ik deel? Of waarom deel ik dingen juist niet?

Voor je het weet loop je niet meer alleen door je tuin.
Voor je het weet bekijk je de tuin door andermans ogen.

Van de week keek ik tussen de stapel Happinez tijdschriften die ik een tijd geleden van Tamara had gekregen. Tamara leerde ik kennen toen ze bij mij cosmeazaden kwam afhalen voor In bloei voor jou. Eén tijdschrift uit de stapel trok mijn aandacht. Op de cover stond: ‘Wat deel je op social media (en waarom)?’ Een vraag die ik mijzelf steeds vaker begon te stellen. Ik legde het tijdschrift apart om het later eens te lezen.

Dat deed ik vandaag. En eindelijk viel het kwartje. Dat er tussen het artikel door ook nog een paginagrote advertentie van Pink Ribbon stond, kon bijna geen toeval meer zijn. Dit tijdschrift uit 2019 trok nu mijn aandacht en schonk mij helderheid.

Waarom deel ik wat ik deel? Of waarom deel ik dingen juist niet?

Mijn hele account, en ook mijn leven, zijn in het teken komen te staan van In bloei voor jou: de roze tuin voor Marij. Een actie die ik ben gestart vanuit rouw, liefde, verbinding en herinnering. Onderweg ben ik mijzelf daarin echter een beetje kwijtgeraakt.

Het online delen van de actie was bedoeld als een manier om mij uit te drukken, herkenning en verbinding met anderen te vinden en uiting te geven aan mijn intrinsieke gevoel van activisme rondom schone bloemen en bewustwording over borstkanker.

Maar ik merk al enige tijd dat ik geen behoefte meer heb om iets te schrijven of te posten op social media. Ook roep ik al enige tijd tegen vrienden dat ik wil dat de tuin weer van mij is. Maar wat bedoel ik daar eigenlijk mee? Ik voelde het wel, maar ik kon het nog niet onder woorden brengen.

Doordat de actie steeds meer aandacht kreeg en ik ook artikelen mocht schrijven voor Gardeners’ World magazine, groeide mijn innerlijke criticus met mij mee. Ze heeft zichzelf een flinke troon aangemeten op mijn schouder en voert zich, door mijn perfectionistische karakter, symbolisch met bakken vol popcorn.

Regelmatig kreeg ik die popcorn naar mijn hoofd gesmeten:

‘Jouw tuin is niet mooi. Jij kunt niet waarmaken wat je hebt bedacht. Mensen raken teleurgesteld in jou. Je hebt niet genoeg planten gekweekt. Ze zijn teleurgesteld in jouw aanbod. Je maakt geen mooie boeketten. Wat boeit een ander nou wat jij te vertellen hebt? Jij kunt niet schrijven. Wie denk je wel niet dat je bent?’

Wanneer ik door de tuin liep had ze overal commentaar op:

Niet roze genoeg. Niet bijzonder genoeg. Niet netjes genoeg. Niet genoeg vormen. Te weinig bloei. Wat een rommelige border.’

Langzaam veranderde de tuin voor mijn ogen naar het beeld van mijn criticus. Ik zag geen knoppen meer die op springen stonden, maar foto’s die nog gemaakt moesten worden. Ik zag geen mooie borders meer, maar verwachtingen. Ik zag geen prachtige bloemen meer, maar taken.

‘Je had allang tien bloemenpersen gevuld moeten hebben. Heb je dat nóg niet gedaan? Waarom hangt je plafond nog niet vol met droogbloemen? Die foto’s zijn echt niet mooi genoeg. Je hebt de symboliek van die bloem nog niet gedeeld. Je loopt achter. Je faalt.’

Ik liep niet meer alleen door de tuin, er liep een onzichtbaar publiek met mij mee. En ik dacht dat zij allemaal hetzelfde zagen als mijn innerlijke criticus. Ik keek niet meer naar mijn tuin door mijn eigen ogen, maar door die van mijn criticus en de mensen die mij volgden. Ik legde mijzelf verwachtingen op waarvan ik dacht dat het de verwachtingen van anderen waren.

Ik heb zelfs geprobeerd een meezaaivideo van cosmea op te nemen in mijn kas omdat ik dacht dat dit verwacht werd door mensen die de actie volgden. Het voelde zo tergend ongemakkelijk en niet als ik, dat ik hem gelukkig niet online heb gezet. Mijn innerlijke criticus was het daar volledig mee eens.

‘Wat denk je wel niet? Jij kunt dit helemaal niet. Je ziet er ook niet uit.’

Wat ik wel deelde, moest perfect, kloppend en waardevol zijn. Anders kreeg ik alleen nog maar meer popcorn naar mijn hoofd. Uiteindelijk zorgde dat er juist voor dat ik steeds minder deelde.

De tuin is niet meer van mij, maar van mijn innerlijke criticus en haar onzichtbare publiek. Ik ben moe van de verwachtingen en alle moetjes. En dat is wat ik bedoel als ik zeg dat ik wil dat de tuin weer van mij is.

Ik wil weer alleen door mijn tuin kunnen lopen. Niet door de ogen van mijn innerlijke criticus. Niet door de ogen van een publiek. Gewoon door die van mij, want daar is het allemaal begonnen.

Ik wil terug naar de oorspronkelijke intentie. Daarvoor ga ik nu eerst die bakken popcorn afpakken en een troon van mijn schouder afschudden.


Lieve tuingroet,

Loes

Deel dit bericht:

Meer lezen?

in bloei voor jou

De roos

Als er een bloem bekend staat om haar symboliek, dan is het wel de roos: de bloem van de liefde. Deze mocht dan ook absoluut niet in mijn roze tuin ontbreken.

Lees meer...